Hoe maak je als filmprogammeur de juiste keuzes? Een gesprek met René Wolf (EYE Filminstituut)

Filmprogrammeurs hebben de lastige taak om uit het grote aanbod dat op hen afkomt de juiste keuzes te maken voor de bioscoop of het filmtheater waar zij werken. Wekelijks krijgen zij dvd’s toegestuurd, gaan naar speciale screenings en bezoeken zoveel mogelijk festivals. In een ideale wereld is het uiteindelijke aanbod dan zo afgestemd, dat iedereen zijn titel naar keuze kan gaan bezoeken. Maar de gevolgen van marktwerking zijn ook binnen de filmsector merkbaar. De vraag, die volgens de economische wetten uiteindelijk aan het aanbod wordt gekoppeld, bestaat veelal uit de behoefte aan vermaak; een avond uit met vrienden om de nieuwste Hollywood-blockbuster te bezoeken of thuis op de bank met de DVD en/of Blu-ray uitgaven. De afzetmarkt voor de (Nederlandse) artistieke producties wordt steeds kleiner, zeker nu ook de filmtheaters zich genoodzaakt voelen om commerciëler te gaan draaien. René Wolf is Head of Acquisitions en Senior Programmer bij het EYE Filminstituut en stelt dat de balans tussen mainstream en arthouse goed bewaakt moet worden. “Ik heb natuurlijk ook kwantitatieve targets en daar wordt binnen de directiekamer naar gekeken. Tegelijkertijd denk ik dat men daar ook heel goed ziet en snapt waar wij mee bezig zijn, en we ook inhoudelijke doelstellingen hebben.”

AAEAAQAAAAAAAALfAAAAJDViNmQyZjg5LWU1MTgtNDk2ZS05NjZiLWQ4NzNlZGQ0MjU2Yg
René Wolf. Bron: LinkedIn

Eigen voorkeur 
Vaak hangt het selecteren af van meerdere factoren. Zoals het succes dat een regisseur eerder voor een bioscoop of filmtheater heeft opgeleverd, de vraag binnen de omgeving van de stad, samenwerkingsverbanden met distributeurs en opdrachten vanuit de filminstelling zelf. De eigen voorkeur van een programmeur zal echter nooit doorslaggevend zijn. “Je eigen smaak kan je natuurlijk nooit helemaal wegfilteren”, bekent Wolf. “Maar het staat niet voorop bij wat we programmeren. In eerste instantie kijk ik ernaar of het een geschikte film is om in EYE te draaien. We krijgen heel veel titels aangeboden en moeten daarom ook vaak ‘nee’ zeggen. Ik heb ook wel geleerd om ‘nee’ te zeggen, in plaats van bij twijfel ‘ja’. Dat betekent dus ook dat ik af en toe denk: ik vind het een hele goede film, maar betekent niet per se dat hij in EYE moet draaien.” 

Kijkend naar het huidige filmaanbod in EYE, valt op dat alleen The Hateful Eight van Quinten Tarantino een potentieel groot publiek zal gaan trekken. Verder zijn er vooral veel (buitenlandse) titels die door velen als minder toegankelijk zullen worden ervaren. Zoals Jheronimus Bosch – Touched By The Devil, Our Little Sister, Rams en El botón de nácar. Waar is hier de hand van EYE in te zien, en hoe was de opdracht voor Wolf precies gedefinieerd? “Eigenlijk is de opdracht die ik meekrijg nooit heel duidelijk. Ik praat daar natuurlijk veel met collega’s over, in alle geledingen van het bedrijf wordt er natuurlijk gekeken naar de programmering. Er zijn wel een bepaald aantal doelstellingen waar ik mee te maken heb, zowel kwantitatief als kwalitatief. De situatie dat we van twee naar vier zalen gegaan zijn, op een locatie zijn gekomen waar verder geen filmvertoner is, de veranderde grootte van de zalen en het feit dat wij elke dag om 10.00 uur open gaan spelen natuurlijk mee bij het opbouwen van een bepaald profiel en neerzetten van een programma.”

HELIUM
Poster Helium. Bron: Topkapi.nl

Een streepje voor 
De programmering en het profiel dat door EYE neergezet wordt laat zich kenmerken door een mix van documentaires en speelfilms, veelal in het arthouse segment. Er is ruimte voor jaren 30 klassiekers, producties die zelfs niet in de reguliere filmtheaters worden vertoond, examenfilms van verschillende academies en titels die gerelateerd zijn aan de tentoonstelling van dat moment. “Nederlandse films hebben absoluut een streepje voor”, vertelt Wolf. “Deze producties worden naar mijn idee hier in Amsterdam goed verdeeld. Je hebt Het Ketelhuis dat sowieso extra aandacht besteedt aan films uit eigen land. Maar ook de meer commerciële titels vinden hier hun weg over het algemeen ook wel. EYE spant zich er in grotere mate wel voor in om juist de kleine films, soms toch wel tegen de klippen op, extra lang te steunen.” Wolf noemt als voorbeeld de met verschillende Gouden Kalveren bekroonde film Prins, dat zich afspeelt in Amsterdam-Noord. EYE vertoonde deze film veel langer dan gebruikelijk en draaide op een gegeven moment nog maar een keer per week. “Ik vind het een goede en bijzondere film, een heel krachtig debuut van Sem de Jong. Het speelt zich ook nog eens af in ons gebied van de stad, Noord. Verschillende redenen om juist ook bij relatief tegenvallende bezoekersaantallen toch die film bij het programma te houden. Dat hebben we ook gedaan met Helium van Eche Janga. Wederom een hele knappe en bijzondere film, gemaakt door een groepje mensen die elkaar kennen van de academie. Hier zijn bijzonder weinig mensen naartoe gegaan, maar hier hebben wij echt op alle mogelijke manieren geprobeerd om hem lang op het programma te houden. Als je een puur commerciële tent hebt ga je daar anders mee om. Er staan ook zoveel nieuwe titels te wachten en de omloopsnelheid van nieuwe films gaat over het algemeen sneller. Zeker als het niet het resultaat geeft van wat men wilt of verwacht, dan worden de films snel afgerekend en verdwijnen ze weer. Dat zal hier bij EYE niet zo snel gebeuren. Zowel succesvolle als minder succesvolle films proberen wij toch een langer leven te geven”, aldus Wolf.

Bijzondere manier van presenteren 
Het EYE wilt zich dus profileren met het langer vertonen van films en uitbrengen van locatie gebonden titels. Wat maakt het vertoon van dit filminstituut nog meer zo bijzonder volgens Wolf? “Wij streven ernaar dat als we een film draaien die je ook elders in de stad kan zien, zoals The Hateful Eight die in Amsterdam er echt met zes of zeven kopieën uitgaat, altijd op een bijzondere manier presenteren. Het gaat dan om films die vooral in Nederland in verdere distributie zijn. Je kijkt ook naar Amsterdam omdat films hier dus vaak in meerdere kopieën uitkomen. De Filmschuur in Haarlem bijvoorbeeld is vaak het enige theater dat zo’n film draait. In Amsterdam zou dat dan vaak veel minder het geval zijn. Juist daarom willen wij ons onderscheiden van andere vertoners die dezelfde film draaien. Wij zullen niet snel een film in de openingsweek vier of vijf keer per dag draaien en hem dan na twee weken eruit gooien als het niet loopt.”

Wat vind jij? Moeten meer theaters en bioscopen de uitbrengstrategie van EYE hanteren? Laat het weten in een reactie hieronder!

Bron header: EYE.nl 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s