Bero Beyer (festivaldirecteur IFFR): “Vieren van auteurscinema op de eerste plek”

Bero Beyer is dit jaar voor het eerst festivaldirecteur van het gerenommeerde International Film Festival Rotterdam. Tijdens één van zijn eerste openbare interviews in deze functie was hij duidelijk over de waarde die onder andere de Nederlandse artistieke film in de programmering van dit jaar heeft. “Dit soort producties worden vaak keihard afgerekend op zaken als de box office, territorium sales of window slots. Dat hoeft niet per se iets met cinematografische kunst te maken hebben, maar met geld verdienen. Met andere dingen kan je dat ook doen en soms komt het samen. Maar vanuit Rotterdam is het zo dat het vieren van de auteurscinema op de eerste plek komt. Films zijn de sterren en de markt komt écht daarna”, aldus Beyer tijdens het Off Screen pre-evenement van het IFFR in het gebouw van Stichting Worm. Tijdens deze jaarlijkse bijeenkomst geeft de festivaldirecteur een voorbeschouwing op wat de liefhebber in de laatste en eerste week van januari en februari op filmgebied te wachten staat in de Maasstad. 

Schermafbeelding 2016-01-24 om 10.19.32
Bero Beyer. Bron: IFFR.com

Investeren in filmvertoningen 
Beyer studeerde in 1993 af aan de Willem de Kooning Academie in Rotterdam. Hij is vooral bekend als filmproducent en oprichter van Augustus Film. Zeven titels heeft hij op zijn naam staan, waaronder de met een Oscar genomineerde Paradise Now. Hij is een allrounder op filmgebied, want Beyer schrijft ook scenario’s en was aan het begin van zijn carrière cameraman. In 2005 werd hij lid van de European Film Academy. Tot 1 augustus bekleedde hij de functie van filmconsulent bij het Filmfonds. Hier richtte hij zich met name op het gebied van de arthouse films en internationale coproducties. Beyer zag het tijdens zijn aanstelling als ‘taak’ om in het snel evoluerende filmlandschap zowel de internationale en de Nederlandse kwaliteitscinema te ondersteunen. Bij het Off Screen-evenement noemde hij hierin ook een belangrijke rol voor de meer gevestigde namen die actief zijn binnen de cinema. “Tijdens het festival moet je ook een sectie hebben die de oude garde, de meesters, de veteranen en constant eigenzinnigen eert. Hardcore cinefiel vaak, maar die moet je juist plaatsten tegenover de nieuwe creatieve filmmakers. Dat contrast vind ik heel waardevol”, aldus Beyer. Als voorbeeld noemt hij de Franse filmmaker Philliphe Grandrieux die dit jaar in Rotterdam te gast zal zijn. De festivaldirecteur noemt dit hele uitgesproken films met een eigen signatuur, die zeker niet naar iedereens smaak zal zijn maar je volgens hem juist met elkaar moet waarderen tijdens zo’n evenement.

Beyer erkende dat het probleem bij dit soort films vaak tijd is en pleitte dan ook voor een intensievere vertoning die ook ná het festival via meerdere platforms plaatsvindt. “De films die wij ontvangen zijn altijd pas in de loop van het jaar klaar, en het is dus moeilijk om te zeggen wat er op de volgende editie gedraaid moet gaan worden. Wat wel heel belangrijk is om vorm te geven, is om als festival verder dan die twaalf dagen films te laten zien en dat uit te kunnen bouwen. Het is belangrijk om de films die wij koesteren niet alleen in Rotterdam en heel Nederland maar ook daarbuiten offline, online, in zalen en op andere manieren onder de aandacht te brengen. Het zit ook in de poriën van het IFFR dat wij daarin iets willen betekenen. Zowel als de film klaar is, als in het ontstaansproces. Ik zou het ‘te gek’ vinden als het in Rotterdam niet ophoudt na die twaalf dagen en de films meer te zien zijn.”

Schermafbeelding 2016-01-24 om 10.26.28
Vlaggen van het IFFR. Bron: ANP

Internationale positie
Vaak ontstaat tijdens een internationaal filmfestival de discussie hoe je moet omgaan met die positie. Moet je koesterend zijn tegenover de films uit eigen land? Moet er extra benadrukt worden wat er in Rotterdam en de rest van Nederland gebeurd op filmgebied, en daar een ambassadeur van zijn? Beyer bekende die vragen ook al een paar keer aan zichzelf te hebben gesteld. “Wat is nou de beste manier om de Nederlandse kwaliteitsfilm onder de aandacht te brengen? Mijn conclusie vooralsnog is, is dat als je het in een apart hoekje gaat stoppen het daarmee geen plezier doet. Wil ik dat er zoveel mogelijk goede Nederlandse films te zien zijn op het IFFR? Hell yes. Ben ik blij dat wij zoveel Nederlandse films hebben? Dus niet alleen de openingsfilm, maar ook andere nationale titels. Daar ben ik zelfs trots op. Het is namelijk heel belangrijk dat de Nederlandse filmwereld zich vertegenwoordigd ziet in het festival, want dit is ons grootste internationale fictie filmfestival dat zichtbaar is in de wereld. Daar moeten we trots op zijn en ons in laten onderscheiden. Het beste nieuws is, is dat de films die we nu hebben niet uit ‘medelijden’ zijn geselecteerd. Ik ben er trots op dat we die kunnen laten zien”, besloot Beyer.

Meer weten over de programmering van onder andere de Nederlandse artistieke films op het IFFR 2016? Bezoek dan de website en het magazine van dit festival: http://www.iffr.com en http://www.tigeronline.nl.

Geeft de nieuwe IFFR-festivaldirecteur Bero Beyer de Nederlandse artistieke film genoeg aandacht op dit internationale evenement? Laat het weten in een reactie hieronder! 

Bron header: Foto Douwe de Vries

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s